Babbel en Knutsel

Wat

Kaarsenpotjes maken met recyclagemateriaal. Naar een idee van de Creacracks van Vormingplus.

Doel

De deelnemers

  • zijn creatief bezig en maken plezier.
  • oefenen ondertussen hun Nederlands.

Duur

30 tot 90 minuten

Begeleider

De begeleider

  • is zelf een beetje handig.
  • knutselt graag.

Materiaal

  • lege conservenblikjes en lege drankblikjes
  • hamers en spijkers (verschillende formaten, ook met een dikke kop)
  • eventueel draadloze boormachine met boortje
  • materiaal om de blikjes op te vullen tijdens het maken van de gaten (bv.: piepschuim, mouse, isolatiemateriaal, balkjes, buizen of stokken die in de conservenblikken passen
  • stevige huishoudscharen
  • blikopener
  • tangetjes
  • stiften
  • theelichtjes om op het einde het resultaat te laten zien
  • tafels en een stoel voor elke deelnemer
  • ontsmettingsmiddel en enkele pleisters

Voorbereiding

  • Verzamel lege blikken, was ze uit en verwijder papieren omhulsel.
  • Ga op zoek naar isolatiemateriaal dat geschikt is om de blikken mee op te vullen, afhankelijk van de grootte van de conservenblikken.
  • Maak van elk type kaarsenpotje een voorbeeld:

Conservenblikje waar je een patroon van gaatjes in maakt.
Drankblikje waarvan je de randen in repen knipt en omplooit.

Activiteit

Start

  • Laat iedereen plaatsnemen aan de tafels en doe een kennismakingsrondje als de deelnemers elkaar nog niet kennen.
  • Toon de voorbeelden, leg uit wat jullie gaan doen en toon hoe het werkt.
  • Vraag aandacht voor de veiligheid.
  • Misschien moet je bij sommige deelnemers opboksen tegen het vooroordeel ‘knutselen is voor kinderen’. Als je weerstand merkt, probeer dan te checken of deze gedachte er achter zit. Je kan dit gemakkelijk ombuigen door uit te leggen: ‘Dat komt omdat kinderen veel tijd hebben, vandaag heb jij ook eens tijd om iets leuks te doen. Geniet ervan’.

Actie

Type conservenblik

  • Deelnemers kiezen een blikje uit en tekenen met de stiften vooraf een patroon op de buitenkant.
  • Daarna vullen ze het blikje met vulmateriaal, leggen het op zijn kant en gebruiken hamer en spijkers om de gaatjes te maken. Let erop dat de gaatjes duidelijk zijn.
  • Als je een boormachine hebt, kunnen handige deelnemers ook met de boormachine gaatjes maken. In dat geval vul je het blikje niet vooraf.
  • Wie dat wenst kan aan de bovenzijde van het blik heel veel gaatjes naast mekaar maken zodat het blik ‘opengescheurd’ kan worden.

Type drankblikje

  • De deelnemers halen met een blikopener de bovenkant van het blikje er af.
  • Met de schaar knippen ze de zijranden in verticale repen.
  • Nu kunnen ze de repen met een tangetje plooien op de manier van hun keuze (dubbelvouwen, omkrullen, buigen,…).
  • De deelnemers kunnen verschillende technieken uitproberen op verschillende blikjes.

Ondertussen praten de deelnemers met elkaar.

  • Als begeleider breng je het gesprek op gang.
    • Wat ga je met het potje doen?
    • Waar ga je het potje zetten?
    • Aan wie ga je het cadeau geven?
    • Zijn er nog zaken die je kan hergebruiken als decoratie?
    • Wat recycleer jij?
  • Geef feedback over het resultaat en spoor de deelnemers aan om hun mening te geven over elkaars potjes.
  • Zorg ervoor dat je bij elk deel vragen stelt en zorgt voor interactie. Wanneer iemand een woord niet begrijpt, vraag dan de andere deelnemers om te helpen het woord te verklaren.

 Einde

  • Op het einde bekijk je samen het resultaat. Doe de kaarsjes er in en steek ze aan. Verduister het lokaal of zoek een donker plekje onder een tafel om het effect te tonen.
  • Als je foto’s kan maken met je gsm, maak dan ook een foto van alle lichtjes samen en mail ze nadien aan de deelnemers.